Kies je voor een groen energiecontract, dan ga je er waarschijnlijk van uit dat je stroom uit Nederlandse windmolens of zonnepanelen komt. Dat is lang niet altijd zo. Een groot deel van de groene stroom die in Nederland wordt verkocht, is op papier vergroend met certificaten uit het buitenland. Dat is legaal en wordt officieel als groen geteld, maar het zegt weinig over wat er in Nederland aan duurzame opwek bijkomt.
In dit artikel lees je hoe dat systeem werkt, wat het verschil is tussen de verschillende soorten groene stroom en waar je op let als je een leverancier zoekt die echt in Nederland duurzaam opwekt of inkoopt.
Wat is een garantie van oorsprong?
Een garantie van oorsprong, vaak afgekort tot GvO, is een digitaal certificaat dat aantoont dat er ergens één megawattuur duurzame elektriciteit is opgewekt. In Nederland worden deze certificaten uitgegeven en bijgehouden door CertiQ. Een producent die stroom opwekt met wind, zon, water of biomassa, krijgt voor elke megawattuur een certificaat.
Dat certificaat kan los van de stroom zelf worden verkocht. Een leverancier die grijze stroom inkoopt, bijvoorbeeld uit een gascentrale, kan daar GvO’s bij kopen en die stroom vervolgens als groen aan jou leveren. Fysiek verandert er niets aan wat er uit jouw stopcontact komt; elektriciteit uit het net is altijd een mix. Het certificaat regelt alleen de administratieve toewijzing.
Waarom buitenlandse certificaten zo populair zijn
Garanties van oorsprong worden binnen Europa verhandeld. Landen als Noorwegen en IJsland wekken al tientallen jaren veel stroom op met waterkracht. Daardoor hebben zij een groot overschot aan certificaten, die relatief goedkoop te koop zijn. Voor een Nederlandse leverancier is het dus voordelig om grijze stroom in te kopen en die te vergroenen met Noorse waterkrachtcertificaten.
Het probleem is dat die waterkrachtcentrales er toch al stonden. Door hun certificaten te kopen, komt er geen extra windmolen of zonnepark bij. Critici noemen dit daarom ook wel sjoemelstroom: het is formeel groen, maar het draagt nauwelijks bij aan de verduurzaming van de Nederlandse energievoorziening.
Het stroometiket laat zien waar het vandaan komt
Elke leverancier is verplicht om jaarlijks een stroometiket te publiceren. Daarop staat welke bronnen zijn gebruikt voor de geleverde stroom en uit welk land de certificaten komen. Je vindt het meestal op de website van de leverancier of op je jaarafrekening. Staat er bij groene stroom vooral ‘waterkracht’ en een land als Noorwegen, dan weet je dat het om ingekochte buitenlandse certificaten gaat.
Wil je verschillende aanbieders naast elkaar zetten, dan helpt het om eerst een overzicht te maken van de contracten die voor jou in aanmerking komen. Op Beste Energievergelijker kun je energieleveranciers vergelijken en vind je in de kennisbank meer achtergrond over energiecontracten, zodat je daarna gericht de stroometiketten van een paar kandidaten kunt bekijken.
Zo herken je echt Nederlandse groene stroom
Leveranciers die serieus werk maken van duurzaamheid, zijn daar doorgaans open over. Let bij het vergelijken op de volgende signalen:
- Het stroometiket noemt Nederlandse wind- of zonne-energie als belangrijkste bron.
- De leverancier vermeldt bij welke windparken, zonneparken of energiecoöperaties de stroom wordt ingekocht.
- De leverancier investeert zelf in nieuwe duurzame opwek of koopt direct in bij lokale producenten.
- Er wordt geen grijze stroom ingekocht die achteraf met losse certificaten wordt vergroend.
- Onafhankelijke duurzaamheidsrankings van consumenten- en milieuorganisaties beoordelen de leverancier positief.
Is Nederlandse groene stroom altijd duurder?
Contracten met stroom uit Nederlandse wind of zon zijn soms iets duurder, omdat Nederlandse certificaten schaarser zijn en dus meer kosten. Het verschil is echter vaak kleiner dan je denkt, zeker omdat het grootste deel van je energierekening bestaat uit belastingen, netbeheerkosten en de leveringsprijs zelf. Het loont om niet alleen naar de prijs te kijken, maar ook naar wat je voor dat bedrag krijgt.
Een andere route is om zelf duurzame stroom op te wekken met zonnepanelen, of om lid te worden van een lokale energiecoöperatie. Dan weet je zeker dat de opwek in jouw omgeving plaatsvindt en draag je direct bij aan nieuwe capaciteit.
Wat je zelf kunt doen
Begin bij je huidige contract: zoek het stroometiket van je leverancier op en kijk waar je groene stroom echt vandaan komt. Ben je niet tevreden, vergelijk dan een paar alternatieven en vraag gerust bij een leverancier na hoe de stroom wordt ingekocht. Een leverancier die daar een duidelijk antwoord op heeft, is vaak ook transparant over andere zaken.
Groene stroom is dus niet overal hetzelfde. Met een beetje kennis van garanties van oorsprong en een blik op het stroometiket maak je een keuze die past bij wat jij belangrijk vindt, of dat nu de laagste prijs is of een echte bijdrage aan duurzame opwek in Nederland.